Een mestanalyse biedt een beter zicht op de inhoud van de mest en laat de gebruiker toe oordeelkundiger te bemesten. De Mestbank raadt landbouwers daarom aan om regelmatig hun mest te laten bemonsteren en analyseren door een erkend laboratorium.
Wanneer is een mestanalyse verplicht?
Voor elk vervoer van dierlijke mest (behalve dunne fractie of effluent, als er een derogatieattest voor uitgereikt is) naar derogatiebedrijven door een erkende mestvoerder of door middel van een burenregeling is er een analyse van N en P2O5 nodig.
- De analyseresultaten moeten vóór de aanvang van het transport beschikbaar zijn en de analyse mag maximum 1 jaar oud zijn. De afnemer moet vóór de aanvang van het transport op de hoogte zijn van de mestsamenstelling.
- Erkende mestvoerders vullen die analyseresultaten in bij de melding van het transport op het Mest Transport Internet Loket (MTIL) van de Mestbank.
Er is geen analyse vereist als het transport gebeurt vanuit een exploitatie naar dezelfde exploitatie of naar een andere exploitatie op voorwaarde dat de exploitaties behoren tot hetzelfde bedrijf.
Wat is het voordeel voor de landbouwer?
Dankzij de analyse weet de afnemer van de mest wat erin zit en kan hij zo oordeelkundiger bemesten. Dat helpt de landbouwer om het nitraatresidu, op het einde van het groeiseizoen, in de hand te houden, wat op zijn beurt dan weer resulteert in een betere waterkwaliteit.
Wie mag mest bemonsteren en analyseren?
Het Mestdecreet bepaalt dat alle staalnames en analyses, die ter uitvoering van dit decreet verricht worden, moeten gebeuren door een daartoe erkend laboratorium, en dat sinds 28 februari 2011.
Omdat het zeer belangrijk is dat een meststaal zo goed mogelijk de reële mestinhoud weergeeft, ligt niet alleen de methode om dierlijke mest te analyseren, maar ook de methode waarop een representatief staal kan genomen worden, wettelijk vast.