De ruilverkaveling Molenbeersel is een deelproject van het project ‘grove groenteteelt’. Dit project kadert in het project ‘herstructurering landbouwgronden Noordoost-Limburg’ dat een onderdeel vormt van het Limburgovereenkomst (2005-2009) van de Vlaamse regering met het provinciebestuur Limburg.
het projectgebied
Een ruilverkaveling betrekt een groot gebied waarbij alle eigenaars en gebruikers in dat gebied betrokken worden. De voorlopig voorgestelde afbakening van het ruilverkavelingsproject begrenst een gebied van ongeveer 1175ha rondom de dorpskern van Molenbeersel. De definitieve blokgrens wordt pas later bepaald.
Het projectgebied is een belangrijk en vrij homogeen landbouwgebied. De verdere ontwikkeling van de landbouw wordt hier echter gehinderd door de slechte perceelsstructuur (veel kleine en slecht gevormde percelen). De ruilverkaveling heeft dan ook als hoofddoel deze perceelsstructuren te verbeteren, maar wil daarnaast ook de wegeninfrastructuur en de detailafwatering verbeteren en heel wat maatregelen nemen voor landschapszorg. Natuurlijk worden ook andere aspecten (zoals de aanwezige waarden op het vlak van recreatie, natuur, verkeersveiligheid, ... ) uitgebreid onderzocht en bij het project betrokken.
91 landbouwers hebben één of meerdere percelen in gebruik in dit projectgebied. Ongeveer 1/3 van deze bedrijven zijn rundveebedrijven (melkvee+vleesvee). De overige 60 bedrijven zijn een mix van akkerbouwbedrijven, groentetelers, varkenshouders en pluimveebedrijven.
eerste fase: onderzoek naar het nut van de ruilverkaveling
De eerste stap in een ruilverkavelingsproces is het onderzoek naar het nut van de ruilverkaveling. Op 14 september 2007 heeft de Vlaamse Minister van Leefmilieu Hilde Crevits de Vlaamse Landmaatschappij opdracht gegeven om dat onderzoek naar het nut te starten. Zoals bij elke ruilverkaveling zal een coördinatiecommissie dit onderzoek begeleiden. Op 2 april heeft minister Hilde Crevits het ministerieel besluit van de samenstelling van de coördinatiecommissie ondertekend. Hierin zetelen vertegenwoordigers van de provinciale landbouwkamer en ambtenaren van de Vlaamse en provinciale administraties. Deze commissie geeft een advies over de definitieve blokgrens en over het ruilverkavelingsplan waarin staat wat de ruilverkaveling wil realiseren.
De Vlaamse Landmaatschappij heeft al veel ervaring met ruilverkaveling uit kracht van wet. Elke ruilverkaveling heeft een lange doorlooptijd (gemiddeld 10 jaar). Deze tijd is nodig om ervoor te zorgen dat er een groot draagvlak is bij de landbouwers en de betrokken organisaties en overheden. De coördinatiecommissie en het ruilverkavelingscomité – dat in een tweede fase wordt samengesteld ter vervanging van de coördinatiecommissie – willen immers de wensen van al die sectoren zoveel mogelijk op elkaar afstemmen.
Alle gebruikers kregen op 10 april 2008 uitleg van de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) over het nieuwe ruilverkavelingsproject en de start van het onderzoek naar het nut van die ruilverkaveling. De projectleider vertelde de aanwezigen dat hij hen de volgende maanden zal bezoeken om na te gaan of ze achter dit project staan en om een beeld te krijgen van de aanwezige landbouwbedrijven in het gebied.
Behalve de projectleider zal Molenbeersel dit jaar ook heel wat andere bezoekers ‘over de vloer’ krijgen. Want om te onderzoeken of de ruilverkaveling ‘nuttig’ verklaard kan worden, moet het gebied dit jaar op talrijke vlakken geïnventariseerd worden: landbouweconomisch, ecologisch, landschappelijk, archeologisch, cultuurtechnisch, recreatief, …
De procedure van het onderzoek naar het nut van de ruilverkaveling zal een drietal jaar in beslag nemen. De inventarisaties zullen begin 2009 afgerond zijn. Daarna zal de Vlaamse Landmaatschappij samen met de coördinatiecommissie een geïntegreerd ruilverkavelingsplan en een milieueffectrapport opmaken. Deze fase wordt beëindigd met een openbaar onderzoek waarbij alle betrokkenen officieel hun mening kunnen geven over de afbakening van de blokgrens en het ruilverkavelingsplan.