De Bourgoyen-Ossemeersen is een Vlaams wetland aan de rand van de stad Gent, respresentatief voor de alluviale Leievallei. Het gebied vormt één van de belangrijkste overwinteringsplaatsen voor watervogels in Vlaanderen. Botanisch is er een hoge soortenrijkdom met kenmerkende zeldzame soorten van vochtige graslanden, bermen en sloten. Mede door het extensieve landbouwbeheer zijn de kansen voor natuur gunstig.
Als onderdeel van het Landinrichtingsproject Leie - Schelde, werd het als eerste natuurinrichtingsproject met verkorte procedure in Oost-Vlaanderen ingesteld. Het project had als belangrijkste doelstelling het behoud, herstel en ontwikkeling van de landschappelijke structuur met bijzondere aandacht voor recreatie en buffering ten opzichte van de R4.
Als uitgangspunt geldt voor de Bourgoyen-Ossemeersen het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de landschappelijke structuur met haar karakteristieke landschapselementen. Er wordt gestreefd naar een kwalitatief landschap, waarbij de volgende aspecten aan bod komen: het behoud en herstel van de verschillende landschapseenheden, het behoud van het open meersenkarakter, het behoud van het cultuurhistorische ontginningspatroon, het verwijderen van recente, 'gebiedsvreemde' aanplantingen, buffering en het behoud en beheer van houtachtige elementen.
De werken werden opgesplitst in verschillende delen. Tijdens het eerste deel, de ruimingswerken, kreeg de Loopgracht over een afstand van bijna twee kilometer opnieuw haar oorspronkelijke diepte. Hierdoor krijgen tal van waterplanten en -dieren alle kansen voor een stabiele ontwikkeling. 17.000 m³ vervuild slib werd afgevoerd en verwerkt tot bouwstof.
Het tweede deel omvatte de grote grondwerken en de waterbouwkundige constructies. Door het afgraven van ‘de Schapenweide’ vergrootte de oppervlakte aaneengesloten natte gronden, die van oudsher het gebied kenmerkten. Bovendien komt er zo ook opnieuw meer variatie in het landschap wat dan weer nieuwe kansen biedt voor planten en dieren.
Veertig jaar nadat een deel van de Bourgoyen opgespoten werd met grond die vrijkwam bij het graven van de Ringvaart, werd dit terrein weer afgegraven tot op het oorspronkelijke niveau. Ongeveer 200.000 m³ grond kreeg een andere bestemming. Ongeveer één derde van dit volume werd gebruikt om een 2 km lange gronddam met een geluidswerende functie langs de R4 aan te leggen. Ter hoogte van enkele laaggelegen waardevolle graslanden van de Meerskant werd 600 m geluidswerend scherm in houtvezelbeton geplaatst. In de gronddam zijn vleermuizenkokers voorzien en een oeverzwaluwwand. Ook de bestaande overwinteringplaats van vleermuizen onder de oude spoorwegdijk werd verbeterd. In het gebied werden vier stuwen gebouwd die een betere regeling van het waterpeil in het reservaat mogelijk maken.
Het derde deel van de werken bestond hoofdzakelijk uit de infrastructuurwerken ten behoeve van recreatie, natuurbeleving en beheer. De zes gebiedstoegangen werden uitgerust met een infohut, fietsenstaanders, een zitbank, een hek voor voertuigen en een hekje voor voetgangers. De wandelcircuits werden (her)aangelegd en er werden twee nieuwe observatiehutten gebouwd. Verspreid over het gebied werden verschillende weidehekken nieuw geplaatst of vervangen. Dit deel omvatte ook de beplantingswerken. Een oude hoogstamboomgaard rond het Valkenhuis werd in ere hersteld, en langs de Drongensesteenweg werd een houtwal aangelegd en beplant.