top nav tools left nav
Siteoverzicht Contact Home

 Natuurcompensaties achterhaven Zeebrugge 

Luchtfoto VLM_Zeebrugge_achterhaven 

2. Korte Inhoud

Aanduiden en inrichten van terreinen voor natuurcompensatie. De compensatie is nodig omdat natuurgebieden worden ingenomen bij de ontwikkeling van de achterhaven.  

3. Voorgeschiedenis

In april 2005 is er een overeenkomst ondertekend door het Vlaamse Gewest, MBZ (het havenbestuur) en de Vlaamse Landmaatschappij. Door deze overeenkomst kreeg de VLM de opdracht om 362 ha natuurcompensaties te realiseren binnen 10 afgebakende zoekzones. De VLM is verantwoordelijk voor de effectieve inrichting en voor het beheer van de lokale grondenbank.

 

4. Stand van zaken

 

De eerste inrichtingswerken zijn gestart in de zomer van 2008 in zoekzone Z4 ’t Pompje (Oudenburg). Deze werken werden in het najaar van 2009 afgerond. In de zomer van 2009 werd ook de eerste fase van inrichting van de zoekzone Z1 Klemskerke-Vlissegem (De Haan) aangevat, samen met de inrichting van de Put van Vlissegem (De Haan) en de Eendenkooi Ter Doest (Brugge). In 2010 werd de inrichting van de Dudzeelse polder opgestart. Deze werken zullen in het najaar van 2011 afgewerkt zijn.

Aangezien de realisatie van de natuurcompensaties in bepaalde gevallen gebeurt door een opwaardering van bestaand habitat, moet er in totaal (=bruto) meer dan de voorziene 362 ha worden gerealiseerd. In totaal moet bij benadering 420 ha worden ingericht. In de loop van 2011 zal hiervan ongeveer 204 ha gerealiseerd zijn. We kunnen dus stellen dat op dit moment ongeveer de helft van de natuurcompensaties voor de achterhaven zijn gerealiseerd. 

Sinds de start van het project in 2005 zijn er ongeveer 123 ha aangekocht binnen de zoekzones. Deze gronden worden rechtstreeks gebruikt voor inrichting. Hiernaast is 90 ha aangekocht buiten de zoekzones. Deze gronden zullen worden gebruikt als ruilgrond om landbouwers uit de zoekzones uit te ruilen. In totaal is gedurende de eerste vijf werkjaren ongeveer 213 ha grond aangekocht. Er zal bij benadering nog 105 ha moeten worden aangekocht om de doelstelling van de natuurcompensaties volledig te kunnen realiseren.

5. Planning

 

In het voorjaar van 2011 is een aanvraag voor stedenbouwkundige vergunning ingediend voor de inrichting van de Kleiputten van Wenduine. Verwacht wordt dat de inrichting van dit gebied in de zomer van 2011 kan worden aangevat. In de zomer van 2011 zal ook een tweede inrichtingsdossier in de zoekzone Z4 't Pompje worden uitgevoerd.

6. Oppervlakte

 

7. Situering

 

De zoekzones liggen verspreid in de Oostkustpolders:

Klemskerke-Vlissegem (Z1), Palingpot (Z2), Vijfwege (Z3),’t Pompje (Z4), Paddegat (Z5), Ettelgem (Z6), Kwetshage (Z7), de Dudzeelse polder (Z8) en de put ten noordoosten van Vlissegem, de Eendenkooi Ter Doest (samen Z9).

Met de beslissing van de Vlaamse Regering van 23 juli 2010 wordt de zoekzone Z10, 'Polder tussen Damme en Dudzele’ vervangen door de zoekzone Z10bis. Deze nieuwe zoekzone omvat de visiegebieden van de erkende reservaten gelegen binnen de SBZ-V ‘Poldercomplex’. Deze zijn: Uitkerkse Polders, Meetkerkse Moeren, Ter Doest, Stadswallen van Damme en Polders van Sint-Donaas. Bijkomend is ook de Oudemaerspolder mee opgenomen in deze nieuwe zoekzone. De voornaamste doelstelling in deze zoekzone is het omzetten van akkerland in poldergrasland.

 

8. Gemeenten (nieuw)

BRUGGE,     DE HAAN,     JABBEKE,     OUDENBURG

9. Provincies

West-Vlaanderen 

10. Beschrijving

Bij het uitwerken van de inrichtingsplannen voor de verschillende zoekzones, vertrekt de VLM van de specifieke natuurtechnische mogelijkheden van de verschillende zoekzones voor het creëren van habitats. Bij de uitwerking wordt evenwel ook rekening gehouden met de leefbaarheid van de landbouwbedrijven. Enkel op gronden die eigendom zijn van de overheid kunnen inrichtingswerken gebeuren. Er moeten daarom heel wat gronden worden aangekocht. Het Agentschap voor Natuur en Bos koopt gronden aan binnen de zoekzones om ze na de inrichtingswerken te beheren. De VLM is bevoegd voor de aankoop van gronden buiten de zoekzones, met als bedoeling alternatieven te kunnen aanbieden aan boeren die (pacht)gronden verliezen. De VLM coördineert ook alle aankopen. De aankoop van de ruilgronden wordt gefinancierd door de afdeling Maritieme Toegang van het departement Mobiliteit en Openbare Werken.

Er is in totaal behoefte aan 65 ha moeras, 144 ha  grasland met zilte elementen, 144 ha poldergrasland en 9 ha brakke plas (samen goed voor 362 ha). Het is niet voldoende dat gronden planologisch aangeduid zijn als b.v. “poldergrasland” of “brakke plas”; deze habitats moeten effectief worden gerealiseerd op gronden die meestal nog als akker of grasland in gebruik zijn. De VLM zal de inrichtingswerken op het terrein uitvoeren. Het gaat in de meeste gevallen om werken in functie van de waterhuishouding (b.v. stuwen of gronddammen installeren om het waterpeil voldoende hoog te houden) of grondwerken (b.v. laantjes graven om een zilte omgeving te creëren, het bovenste laagje van de bodem afgraven). De inrichtingswerken worden gefinancierd door het havenbedrijf Maatschappij van de Brugse Zeevaartinrichtingen NV (MBZ).

 

11. Projecttype

Totaalproject 

12. ProjectStatus

In uitvoering 

13. Projectleiding

Edgard Daemen 

14. Partners

De uitvoerende en financierende partners zijn:

Agentschap voor Natuur en Bos, Maatschappij der Brugse Zeevaartinrichtingen NV., Afdeling Maritieme Toegang van het departement Mobiliteit en Openbare werken

Het project wordt begeleid en opgevolgd door een beheercommissie. In deze beheercommissie zetelen naast bovenvermelde partners ook de landbouworganisaties Boerenbond en Algemeen Boerensyndicaat, Natuurpunt en de afdeling Duurzame Landbouwontwikkeling van het departement Landbouw en Visserij. De voorzitter van de beheercommissie is het ANB, terwijl de VLM instaat voor het secretariaat.

15. Bijkomende informatie

top
Copyright 2010, Vlaamse Landmaatschappij
Disclaimer | Siteoverzicht
Vlaamse overheid