top nav tools left nav
Siteoverzicht Contact Home

 Schelde-Leie 

 

2. Korte Inhoud

De klemtoon van dit ruilverkavelingsproject ligt op het verbeteren van de landbouwvoering in de regio van de stadsbossen Gent (Parkbos) en Deinze. De centrale doelstelling is een flankerend beleid voeren voor de land- en tuinbouwers in deze omgeving. 

3. Voorgeschiedenis

23 september 1981 : onderzoek naar het nut van een ruilverkaveling op het grondgebied van de gemeenten Nazareth en  Kruishoutem en de stad Deinze (ruilverkaveling Nazareth) en oprichting van de coördinatiecommissie.
7 mei 1996 : uitbreiding van het onderzoek naar het nut op grondgebied van Gent en De Pinte (ruilverkaveling Scheldekant)
Eind jaren 90 : onderzoek naar het nut afgerond (ruilverkavelingsplan en MER opgemaakt) doch geen verdere opdrachten voor verderzetting ruilverkaveling Scheldekant gekregen
3 juli 2006 : uitbreiding van het onderzoek naar het nut op grondgebied van de steden Gent en Deinze en de gemeenten De Pinte en Sint-Martens-Latem (ruilverkaveling Schelde-Leie)

Op 2 februari 2006 bracht toenmalig minister-president Yves Leterme in het kader van een Plattelandstoer een bezoek aan het toekomstige Parkbos Gent. Vanuit de landbouwsector werd de vraag gesteld om de ruilverkaveling Scheldekant te deblokkeren en een flankerend beleid voor de overblijvende landbouw te voorzien. Enerzijds was er nood aan een optimale inrichting voor de landbouwgebieden in en rond het project Parkbos Gent en anderzijds aan maatregelen in het kader van een plattelandsbeheer.
Op vraag van de minister-president heeft de VLM een nota opgemaakt met als titel “Een betere inrichting rond de stadsbossen zorgt voor een leefbare land- en tuinbouw”. Als gevolg daarvan kon worden overgegaan tot een uitbreiding van het onderzoek naar het nut van een ruilverkaveling in de ruime omgeving van de stadsbossen Gent en Deinze. Op 3 juli 2006 nam minister Peeters hiervoor de nodige ministeriële besluiten. Op die manier kan invulling worden gegeven aan het eerste deel van de vraag van de landbouwsector, nl. een optimale inrichting van de landbouwgebieden na realisatie van de bosuitbreiding.

4. Stand van zaken

Momenteel gebeuren de thematische inventarisaties en het vastleggen van de blokgrens.

5. Planning

2009: Uitwerking van een geïntegreerd ruilverkavelingsplan op basis van thematische studies

2010: Opmaak Plan-MER

6. Oppervlakte

ongeveer 3.000 ha (blokgrens nog te verfijnen) 

7. Situering

Ruilverkavelingsproject op het grondgebied van de steden Gent en Deinze en de gemeenten De Pinte, Nazareth en Sint-Martens-Latem.

8. Gemeenten (nieuw)

DE PINTE,  DEINZE,  GENT,  NAZARETH,  SINT-MARTENS-LATEM

9. Provincies

Oost-Vlaanderen 

10. Beschrijving

De eerste doelstelling is een verbetering van de agrarische structuur via herverkaveling.
Door de uitbouw van het Parkbos Gent en het stadsbos Deinze zal de gronddruk in de regio verhogen. Via de grondenbank worden ruilgronden aangeboden die echter verspreid liggen in de ruime omgeving, wat leidt tot een verhoogde versnippering van de landbouwbedrijven. Grondmobiliteit via een ruilverkavelingsproject kan de landbouwstructuren sterk verbeteren.
Een hedendaagse ruilverkaveling kan inspelen op vragen vanuit het beleid. De grote vraag hier is om een flankerend beleid te voeren voor de land- en tuinbouwers in de omgeving van stadsbossen.
Het gebied wordt landbouwkundig gekenmerkt door een groot aantal melkveebedrijven. Daarnaast zijn akkerbouw en vleesvee de belangrijkste productietakken. De grootste landbouwkundige baten / kostenbesparingen van een herverkaveling worden verwacht door perceelsvergroting (in het bijzonder van de huiskavel), verbetering van de perceelsvorm en perceelsgroepering.
De baten van herverkaveling gaan niet enkel naar de landbouwsector. Een uitbreiding van het ruilverkavelingsproject over het hele parkbosproject kan de realisatie van het project versnellen omdat de grondverwerving vlotter kan gebeuren. Het aantal onteigeningen kan immers beperkt worden en de eigendoms- en gebruikoverdracht kan in één akte gebeuren.
Dit geldt ook voor de realisatie van het stadsbos Deinze. Door een ruilverkaveling kunnen de geplande ruiloperaties tussen afdeling Bos en Groen (nu Agentschap voor Natuur en Bos - ANB), de stad Deinze en een aantal particulieren worden gefaciliteerd en onteigeningen vermeden.

Daarnaast kan via ruilverkaveling een snellere, betere en integrale inrichting van de regio gebeuren. Het ruilverkavelingsplan Scheldekant voorzag in maatregelen voor ontsluiting van percelen, de uitbouw van recreatieve assen (fietsen en wandelen), verbetering van de waterhuishouding, reconstructie van een archeologische site en maatregelen i.v.m. natuur- en landschapszorg. Deze maatregelen kunnen worden herzien voor het nieuwe ruilverkavelingsproject in een ruimere omgeving. Wanneer de Scheldevallei niet meer opgenomen wordt in het ruilverkavelingsproject zullen bv. de maatregelen voor landschaps- en natuurzorg worden beperkt.

11. Projecttype

Ruilverkaveling 

12. ProjectStatus

In onderzoek 

13. Projectleiding

Caroline Simoens 

14. Partners

Een aantal partners (administraties en besturen) wordt standaard betrokken bij de uitvoering van een ruilverkavelingsproject, wie er echter effectief in bv het ruilverkavelingscomité of de commissie van advies zal zetelen is nog in onderzoek.

In het ruilverkavelingsproject zal ook maximaal worden gezocht naar externe financiering. Administratieve kosten en de kosten voor de herverkaveling maken deel uit van de werkingskosten van de VLM. De inrichtingskosten voor een nieuw ruilverkavelingsproject kunnen sterk worden beperkt door enerzijds het aantal maatregelen te beperken en door anderzijds gevraagde maatregelen te laten financieren door de vragende partij. Door bv. de Scheldevallei niet op te nemen in het ruilverkavelingsproject kan de kostprijs voor het Vlaams Gewest sterk verminderd worden in vergelijking met de kostenraming van 1999. Grondverwervingen en/of inrichting van deze gronden gebeuren nu reeds door het Agentschap voor Natuur en Bos.
Bovendien zijn sommige maatregelen gemakkelijk uitvoerbaar en kunnen het best door de lokale actoren zelf worden gerealiseerd, complementair met het ruilverkavelingsproject. Dit sluit aan bij het principe van plattelandsbeleid om de bestaande plaatselijke dynamiek te ondersteunen en te stimuleren.

In onderzoek

15. Bijkomende informatie

top
Copyright 2010, Vlaamse Landmaatschappij
Disclaimer | Siteoverzicht
Vlaamse overheid