
Europese landbouwexperts hebben een reeks aanbevelingen uitgebracht om landbouw en biodiversiteit beter te verzoenen. Het rapport is het resultaat van een focusgroep van het EU CAP Network, die onderzocht hoe landbouwers High-Diversity Landscape Features (HDLF), zoals hagen, bloemenstroken en poelen, kunnen behouden, versterken en aanleggen. Deze landschapselementen zijn cruciaal voor het herstel van biodiversiteit op landbouwgrond en dragen tegelijk bij aan klimaatadaptatie, waterbeheer en landschappelijke kwaliteit.
Kleine veranderingen, grote voordelen
De focusgroep toont aan dat relatief kleine ingrepen, zoals het inzaaien van bloemenstroken of het herstellen van houtkanten, grote ecologische winsten opleveren. Ze verbeteren de leefomgeving voor vogels, insecten en kleine zoogdieren, en versterken de natuurlijke plaagbestrijding en bestuiving. “Zelfs met kleine stukjes land kunnen boeren grote winst boeken voor zowel biodiversiteit als hun bedrijf," stellen de focusgroepleden.
Inspirerende voorbeelden
Het rapport bundelt 42 praktijkvoorbeelden uit heel Europa. In Frankrijk bijvoorbeeld zorgen nieuw aangelegde hagen voor koolstofopslag en windbescherming, terwijl ze tegelijk de biodiversiteit versterken. In Ierland zetten boeren dan weer in op bloemenrijke akkerranden voor bestuivers. Terwijl illustreert het hoogstamboomgaardproject in Farnsberg hoe HDLF zowel economische als sociale voordelen opleveren. Het genereert niet alleen inkomen via kersenverkoop, verwerkte producten, beleidssteun en toerisme, maar verrijkt tegelijk het landschap, trekt bezoekers en vergroot het bewustzijn rond duurzame praktijken.
Barrières voor landbouwers
Hoewel kleine ingrepen al impact kunnen hebben, botsen veel boeren op hindernissen. Investeringen in aanleg en onderhoud zijn duur, zeker voor kleinere bedrijven. Daarnaast spelen technische beperkingen zoals het gebrek aan zaaimateriaal, gebrek aan kennis en extra werkdruk een rol. De vergoedingen voor landbouwers zijn vaak laag, onvoldoende om het onderhoud en de aanleg van biodiversiteitsbevorderende elementen te dekken, wat landbouwers kan ontmoedigen. Ook komt er vaak veel administratie kijken bij deze maatregelen.
Succesfactoren
Uit de focusgroep blijkt dat een doeltreffende aanpak voor landbouw en biodiversiteit steunt op co-design waarin boeren, lokale, en nationale actoren samen maatregelen ontwikkelen die passen bij de kenmerken van een gebied en voordelen opleveren voor zowel natuur als gemeenschap. Bij deze aanpak is het essentieel dat landbouwers vanaf het begin worden betrokken, zodat hun kennis en ervaring centraal staan en de maatregelen aansluiten bij hun bedrijf.
Toekomstige acties
De Europese Commissie heeft de ambitie om in de komende jaren minstens 10% van de landbouwgrond te reserveren voor elementen die de biodiversiteit stimuleren. Om dit te bereiken, is er nood aan duidelijkheid over de kosten en baten van HDLF voor verschillend landbouwtypes. In de resultaten van de focusgroep wordt aanbevolen om in te spelen op vernieuwende initiatieven zoals EIP-AGRI operationele groepen (OG's), of onderzoeksbehoeften die rechtstreeks voortkomen uit de praktijk.
Over het EU CAP Network
De Vlaamse Landmaatschappij (VLM) coördineert tot 2029 de 'Support Facility for Innovation and Knowledge Exchange', een Europees consortium dat innovatie en kennisuitwisseling in het landbouwbeleid versterkt. Dat consortium maakt deel uit van het Europees Common Agricultural Policy Network (EU CAP Network).
Het project wordt gefinancierd door de Europese Commissie en telt 18 partners uit 15 EU-lidstaten: overheden, onderzoeksinstellingen, ngo's en kleinere private spelers. Samen ondersteunen zij netwerkactiviteiten rond innovatieve kennisdeling in landbouw, bosbouw en plattelandsontwikkeling. Een belangrijk onderdeel daarvan is de uitbouw van AKIS (Agricultural Knowledge and Innovation System), het Europese systeem voor landbouwkennis en -innovatie.
De VLM is de hoofdpartner van de 'Support Facility for Innovation and Knowledge Exchange | EIP-AGRI'. Deze faciliteit volgt het 'EIP-AGRI Service Point' op, dat de VLM de afgelopen acht jaar ook leidde.
Meer informatie