De bescherming van open ruimte draagt bij aan een klimaatbestendig, veilig en leefbaar Vlaanderen. Percelen die te watergevoelig zijn, moeten daarom worden gevrijwaard van bebouwing om wateroverlast op het betrokken perceel of op nabijgelegen terreinen te vermijden. Ook gronden met een zeer hoge natuurwaarde, of woonuitbreidingsgebieden waarvan het niet langer wenselijk is dat ze worden ontwikkeld, moeten worden beschermd.
Deze 'bouwshift' moet gepaard gaan met duidelijkheid en een correcte vergoeding voor de eigenaars. De eigenaarsvergoeding vergoedt de beperkte ontwikkelbaarheid van een perceel voor de grondeigenaar. De eigendom blijft onveranderd.
Wat de berekeningsmethodiek betreft, wordt de waarde van een perceel voortaan bepaald via een gestandaardiseerde methode, met een combinatie van objectieve criteria en recente marktgegevens. Daarnaast is verduidelijkt hoe rekening moet worden gehouden met de verwervingswaarde, het tijdstip van verwerving en de bestemming op het ogenblik van verwerving.
Hoe wordt de eigenaarsvergoeding voortaan berekend?
- De berekening vertrekt van de actuele marktwaarde van een gelijkaardig perceel met ideale ontwikkelingskenmerken en houdt rekening met factoren zoals ligging, bereikbaarheid, bestemming en overstromingsgevoeligheid.
- Die waarde wordt bepaald aan de hand van een databank met recente verkopen van vergelijkbare gronden die wel ontwikkeld kunnen worden, met maximale aandacht voor transacties in de onmiddellijke omgeving.
- Vaste coëfficiënten zorgen ervoor dat vergelijkbare percelen overal in Vlaanderen op dezelfde manier worden beoordeeld. Waar nodig blijft bijsturing door een expert mogelijk.
Bij de berekening van de planschade wordt expliciet rekening gehouden met het moment van aankoop en het ogenblik waarop de bestemming van een perceel werd toegekend.
Wie recent een perceel kocht dat niet veel later onbebouwbaar wordt verklaard, zal in principe het volledige waardeverschil vergoed krijgen. Dat is bijvoorbeeld belangrijk voor kopers van zeer watergevoelige gronden die enkele jaren geleden nog verkaveld werden, maar die vandaag bewust bouwvrij worden gehouden. Voor deze groep wordt een volledige vergoeding voorzien.
Voor percelen die al langer dan zeven jaar in eigendom zijn en al langer dan zeven jaar dezelfde bestemming hebben, wordt een beperkte correctie toegepast. Onder de oude planschadevergoedingsregeling kwam slechts een beperkt aantal gronden in aanmerking voor een vergoeding en werd standaard een correctiefactor van 20% toegepast. Onder de huidige regeling komen meer gronden in aanmerking en houden we rekening met het tijdstip van verwerving en het tijdstip waarop de bestemming werd toegekend. De correctiefactor stijgt zeer geleidelijk tot maximaal 30% voor gronden die al langer dan 25 jaar in eigendom zijn en sindsdien een ongewijzigde bestemming hebben.
Meer informatie vindt u in het
wijzigingsbesluit en
het ministerieel besluit en
de bijlage.
De aanpassing van de berekeningsmethodiek en de hoogte van de vergoeding draagt bij aan een haalbare en betaalbare bouwshift. Vlaanderen kent vandaag veruit het grootste vergoedingssysteem in Europa.
Met deze hervorming zet de Vlaamse Regering een stap naar een rechtvaardig, voorspelbaar, werkbaar en betaalbaar systeem voor herbestemmingen.
Bij besluit van 3 april 2026 wijzigde de Vlaamse Regering de uitvoeringsbesluiten, omtrent de bepaling van de eigenaarswaarde. Het wijzigingsbesluit werd definitief goedgekeurd door de Vlaamse Regering op 3 april 2026. De Vlaamse Regering machtigde de Vlaamse minister van Omgeving om bij ministerieel besluit een voorstel van de Landcommissies goed te keuren. De Landcommissies stelden op 15 april 2026 een methode voor; de minister keurde dat voorstel bij besluit van 27 april 2026 goed. De goedgekeurde gestandaardiseerde methode is als bijlage gevoegd bij het ministerieel besluit. Het treedt in werking op de dag na publicatie in het Belgisch Staatsblad.