Zodra de kunstmeststof ureum bevat, ongeacht de hoeveelheid, is ze ureumhoudend.
Voor vaste meststoffen worden deze ureaseremmers vooraf door de producenten aan de meststofkorrel toegevoegd (in de massa of gecoat). U kunt dit navragen bij uw leverancier.
Voor vloeibare meststoffen worden ureaseremmers door de landbouwer of loonwerker kort voor de toediening in de meststof gemengd. Volg daarbij steeds de voorschriften van de producent.
In vloeibare ureumkunstmeststoffen zit niet standaard een ureaseremmer, aangezien het product niet langdurig stabiel is in die menging. U moet de ureaseremmer afzonderlijk aankopen en toedienen in de mengtank, net voor het spreiden van de ureummeststof.
Of er ureum en ureaseremmer aanwezig is in uw vaste kunstmest, kunt u navragen bij uw leverancier.
Hoe kan ik bewijzen dat ik ureaseremmers gebruikt heb?
U moet altijd kunnen aantonen dat er ureaseremmers zijn toegevoegd via het bijhouden van etiketten, weeg- of leveringsbonnen, aankoopbewijzen, facturen, enzovoort.
Welke ureaseremmers zijn oké en aan welke dosis?
Elke ureaseremmer die voldoet aan de wettelijke vereisten is toegelaten. Die producten moeten een of meerdere van volgende actieve bestanddelen bevatten: NBPT, 2-NPT of NBPT/NPPT-mengsel.
U kunt de wetgeving nalezen in de bemestingsproductenverordening. De toedieningsdosis zoals aangegeven door de producent moet nageleefd worden.
Let wel: het onderwerkingssysteem moet al aanwezig zijn op het perceel. Een landbouwer mag niet naar het landbouwbedrijf rijden om te wisselen en mag ook niet op een later tijdstip beginnen met onderwerken.
Wat betekent ‘met verschillende vervoerscombinaties’ in de praktijk?
Onderwerken met verschillende vervoerscombinaties betekent dat er op het perceel al een tweede vervoerscombinatie aanwezig is bij de start van het spreiden van de meststoffen, zodat onmiddellijk gestart kan worden met het onderwerken van de meststoffen nadat de eerste mesttank leeg is.
Een ‘tweede vervoerscombinatie’ is ofwel:
- een tweede tractor met een onderwerkingssysteem;
- een onderwerkingssysteem dat aan de eerste tractor van de mestkar of -tank wordt gekoppeld.
In beide gevallen moet de tweede vervoerscombinatie al aanwezig zijn op het veld, zodra de eerste mest uitgereden wordt.
Waarom moet er voortaan onmiddellijk ondergewerkt worden?
Door het stikstofdecreet zijn er bijkomende maatregelen genomen om de emissies te beperken. Vooral bij het uitrijden van vloeibare dierlijke en andere meststoffen en ureumhoudende kunstmeststoffen komt er heel wat stikstof vrij. Door het onderwerken van deze meststoffen te verstrengen, worden de emissies beperkt.
Wanneer mag ik mest uitrijden?
Daar is niets aan gewijzigd. Gebruik onze
uitrijtool om te weten wanneer u welke meststof kunt uitrijden.
Moet ik stalmest ook onmiddellijk onderwerken op zaterdag?
Op zaterdagen hebt u, net zoals op weekdagen, 24 uur de tijd om stalmest onder te werken.
Mag ik nadat de eerste mestkar/aalton leeg is naar het landbouwbedrijf rijden om te wisselen van werktuig?
Neen, dat is niet toegelaten. Het onderwerkingssysteem moet al aanwezig zijn op het perceel vanaf het begin van het bemesten.
Ik ben een landbouwer die alleen werkt. Hoe moet ik dan mijn mest onmiddellijk inwerken?
U moet nadat uw eerste mestkar of -ton leeg is van voertuig of werktuig wisselen. Dat moet al bij de start van het bemesten op het perceel aanwezig zijn.
Ik heb mest uitgereden op een deel van mijn perceel en heb in dezelfde werkgang ook de mest ingewerkt. Mag ik op een later tijdstip terugkomen om de rest van het perceel af te werken?
Ja, dat mag. Wat niet mag is mest uitrijden en die laten liggen om het perceel later af te werken. U moet de mest altijd direct onderwerken.
Ik heb maar 1 tractor. Hoe pak ik het aan?
U moet na het uitrijden van 1 mestkar een ander werktuig aan uw tractor koppelen om de uitgereden mest in te werken, op voorwaarde dat het werktuig al aanwezig is op het perceel. Er mag pas een tweede mestkar uitgereden worden als alle eerder uitgereden mest ingewerkt is.
Is er een verschil in de regels tussen beteelde en niet-beteelde landbouwgrond?
Ja, de technieken die u mag gebruiken, zijn anders. Zo mag u op beteelde akkers bijvoorbeeld met de sleepslang werken, maar op niet-beteelde akkers mag dat niet. Op de
webpagina over emissiearme aanwending staat een volledig overzicht.
Mijn bodem loopt schade op door zo snel de mest te moeten inwerken.
Dat risico is er alleen op te natte percelen. De meststoffen spoelen dan te snel af richting het oppervlaktewater en kunnen niet in de bodem dringen. Bemest daarom niet op natte gronden.
Opbrengingstechnieken
Mag stalmest worden gespreid op grasland?
Ja, dat is toegelaten en die kan breedwerpig worden toegediend. Er verandert niets voor het opbrengen van stalmest op de percelen.
Mag er nog mest uitgereden worden met een ketsplaat?
Dat is nog altijd toegestaan. Het verschil met vroeger is wel dat u geen twee uur meer hebt om de mest onder te werken, maar dat dat onmiddellijk moet gebeuren. Onmiddellijk inwerken betekent dat het spreiden en inwerken van de meststoffen ofwel in één werkgang gebeurt (tegelijkertijd), ofwel in twee werkgangen (met verschillende vervoerscombinaties) die al op het perceel aanwezig zijn.
Mag een sleepslang niet meer worden gebruikt op grasland in 2028?
Dat klopt. Sleepslang mag vanaf 2028 niet meer gebruikt worden op grasland om drijfmest toe te dienen. U moet dan andere technieken gebruiken, zoals het injecteren van mest of het gebruiken van een sleufkouterbemester of zodenbemester.
Wat houdt mest opbrengen met een sleufkouter, sleepvoet en injectie juist in?
U vindt een omschrijving van die bemestingstechnieken terug in de
brochure bemestingstechnieken en hun spreidingspatroon.
Wat als de opbrengingsregels niet correct worden toegepast? Hoeveel bedraagt de boete? En wie krijgt de boete: de landbouwer of loonwerker?
Als de Mestbank een inbreuk vaststelt, gaat het dossier naar het parket of de gewestelijke beboetingsinstantie. Zij bepalen de hoogte van de boete. Het bedrag is afhankelijk van de specifieke terreinsituatie (overmacht, uiteindelijke tijd tussen het opbrengen en onderwerken, grootte van het perceel, welke mestsoort,... ).
Wie de boete krijgt, is afhankelijk van wie verantwoordelijk wordt geacht voor de overtreding. Dat wordt bepaald door het parket of de gewestelijke beboetingsinstantie. De gebruiker van het perceel is altijd verantwoordelijk voor de activiteiten die op het perceel plaatsvinden, maar ook de loonwerker kan aansprakelijk gesteld worden.